Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit keer reserveerden we een kaartje bij De Pont in Tilburg, waar momenteel de groepstentoonstelling ‘Outbreak’ van de Wobbyclub te zien is. 
Alsof een kleuter na het eten van een paar kilo toverballen over de muren van De Pont heeft gekotst; de nieuwe expositie Outbreak komt je tegemoet als een neonkleurige explosie. De Wobbyclub is de muren in het museum namelijk flink te lijf gegaan met de beste markeerstiften die ze konden vinden. Grote fel gekleurde vlakken en neonsterren van papier vormen het decor waartegen de verschillende verhalen van de Wobbyclubbers zich ontvouwen. Deze felle kleuren zijn een handelsmerk van de Wobbyclub, een Tilburgs initiatief dat met enige regelmaat een tijdschrift uitbrengt en daarnaast tentoonstellingen en beurzen organiseert. Voor deze initiatieven nodigen oprichters Jeroen de Leijer, Marjolein Schalk en S.L. Trumpstein telkens wisselende kunstenaars uit binnen- en buitenland uit. Even bont als de kleuren op de muren is de verzameling kunstenaars die ze voor deze tentoonstelling in De Pont hebben opgetrommeld.
Met werken van gastkunstenaars Ralf Kokke, David Noro, Bobbi Oskam, Rogier Roeters, Indre Svirplyte, Andrew Tseng en Nina van de Ven is de tentoonstelling een behoorlijk divers en afwisselend geheel. Een verzameling van illustraties, tekeningen, schilderingen en een een aantal verdwaalde textiele werken; op het eerste gezicht lijkt het of het enige criterium voor deelname aan de expositie het gebruik van veel kleur was. Als je de werken beter bekijkt, zie je echter dat er overkoepelende thema’s als virussen, explosies, de pandemie en rebellie telkens terugkomen. Ook onze goede bekende, het coronavirus, is aanwezig in de tentoonstelling: het groen getufte werk van Indre Svirplyte heeft de vorm van het virus zoals we dat kennen van illustraties op het nieuws, maar dan met ogen, een neus en een mond waardoor het me stiekem een beetje doet denken aan Shrek. Voor zulke vrije interpretatie is in deze expositie volop ruimte; geen van de werken is voorzien van een titel, naam van de kunstenaar of uitleg. Dus gewapend met onze BFF Google en een rijke fantasie duiken wij de Wonderlijke Wereld van de Wobbyclub in, op zoek naar de diepere laag achter de vrolijke kleurenbende. 
+/- | Kunstenaar en Instagram-fenomeen Rogier Roeters bespreekt in zijn werk hedendaagse taboes. Zijn kinderlijk ogende tekeningen gaan vaak gepaard met teksten over schaamte, twijfel, erbij willen horen, verlangen en eenzaamheid. Die teksten worden echter wel voorzien van een flinke dosis humor en hier en daar een vleugje sarcasme. Een van zijn tekeningen in de tentoonstelling is tergend melodramatisch: ‘Mag ik een MAC eenzaamheid alstublieft?’. Melodramatisch met een dikke knipoog natuurlijk, want de kunstenaars in deze tentoonstelling bekijken de wereld om zich heen niet alleen door een roze, maar ook een felgroene, gele, blauwe, paarse en oranje bril. Zowel de thema’s als de tongue-in-cheek manier waarop deze worden benaderd, lopen als rode draden door de expositie. De actuele maatschappelijke problematiek wordt met een korreltje zout genomen. Ook zijn de deelnemende kunstenaars niet vies van een beetje politiek engagement. Een tekening van twee vogels met een kogel om hun poot hangt naast een spotprent van Geert Wilders en een illustratie van een jong schoolkind dat leest in een boek met de titel ‘Neo Liberal Hell’. Als kers op de politiek-kritische taart prijkt een schilderij waarop Donald Trump in een wurggreep wordt gehouden door een man met wel erg grote spieren. Ter overgave zwaait de Amerikaanse President met een witte vlag. De werken in Outbreak maken ons nieuwsgierig naar de achterliggende gedachtes van de kunstenaars. De manier waarop de verschillende werken actuele kwesties benaderen, maakt ons hongerig naar meer; deze honger wordt helaas niet gestild in de expositie, het is maar mager voorzien van uitleg. You’re on your own. 
+/-| Om dan toch nog even terug te komen op de vrolijke kleurenkots: normaal gesproken waardeer ik tentoonstellingswanden die een kleurtje hebben gekregen. Ze kunnen veel toevoegen aan de sfeer van een expositie; diepe kleuren laten oude meesters poppen, en felle kleuren kunnen een tentoonstelling een modern en fris gevoel geven. Het ogenschijnlijke statement van de Wobbyclub tegen de white cube leidt in dit geval echter vooral af van de werken. Omdat veel van de deelnemende kunstenaars ook gebruik maken van felle kleuren in hun werk, vallen deze weg tegen de neonkleurige achtergrond. De white cube is niet voor niets uitgevonden; de witte muren zorgen ervoor dat er zoveel mogelijk aandacht naar de kunstwerken gaat. De ingreep van de Wobbyclub zorgt er aan de andere kant wel voor dat er verbinding ontstaat binnen Outbreak. Door het verven van de muren lijkt het of de Wobbyclub hun eigen Wobbywereld binnen De Pont heeft gecreëerd en de grote vlekken ‘lijmen’ alle verschillende stukjes van de expositie aan elkaar. Het ‘merk’ van de Wobbyclub komt in deze tentoonstelling goed naar voren; door de felle vlekken herken je het handschrift van het collectief, maar ik slaak toch een zucht van verlichting als ik na afloop weer de kalmerende buitenlucht aanschouw. 

Dit artikel verscheen op 15 september 2020 als GO | NO GO op de website van De Kunstmeisjes
foto: Peter Cox